De appels schillen, de klokhuizen met een appelboor verwijderen en de appels in schijven van twee cm dik snijden. De wijn, suiker, vanillesuiker en het citroensap in een steelpan aan de kook brengen en de appelschijven hierin tegen de kook aan houden tot ze zacht zijn. De appelschijven uit de steelpan nemen en laten afkoelen.
Voor de saus de eidooiers met de suiker, vanillesuiker en maïzena goed door elkaar roeren en met een scheutje melk tot een glad papje roeren. De resterende melk aan de kook brengen, het dooiermengsel al roerend met een scheutje hete melk vermengen en bij de rest van de hete melk schenken.
De gesmolten chocolade en de blaadjes gelatine in een steelpan verwarmen tot de blaadjes gelatine zijn opgelost. De steelpan van het vuur nemen en het chocolademengsel laten afkoelen.
De slagroom met de vanillesuiker stijf slaan en de afgekoelde maar nog enigszins vloeibare chocolade door de slagroom spatelen. Het chocolademengsel in een spuitzak overdoen en tot gebruik op een koele plaats bewaren. Op elk bord een paar lepels saus scheppen. Hierop drie lange vingers en een appelschijfje leggen. De appelschijf met toefjes chocoladeslagroom en confituur garneren en de saus met de chocoladevlokken bestrooien.
Vergelijkbare recepten
Desserten
Desserten
Desserten